Ezra
drs. L.P. Dorenbos
Schreeuw om Leven – Hilversum
Titel:
Ezra
drs. L.P. Dorenbos
Hilversum – Stichting Schreeuw om
Leven
ISBN 90-71732-37-1
NUR
707
Trefwoorden: bijbel, profetie, israël
©
Stichting Schreeuw om Leven – Hilversum 2005
Ruitersweg
35-37, 1211 KT Hilversum
Tel. 035 624-4352, Fax 035
624-9141
E-mail info@schreeuwomleven.nl
Internet
www.schreeuwomleven.nl
Bijbelcitaten NBG vertaling
1951
Coördinatie Alex
C.F. van Vuuren & Joop B. Buker
Medewerking Hanneke Bemelmans,
J.A.G. Delhaas
Omslag
en vormgeving Cees Baanvinger, Zoetermeer
Joop B. Buker, Joel
assist, Bloemendaal
In de serie brochures In twee jaar
de Bijbel door volgt
drs.
L.P. Dorenbos het rooster van Schreeuw om Leven
Bijbellezen.
In twee jaar de Bijbel door
In
het kader van het Schreeuw om
Leven Bijbelleesplan:
“In twee jaar de Bijbel door”
geeft drs. L.P. Dorenbos dagelijks in een persoonlijke notitie zijn
gedachten weer tijdens het lezen van het bijbelgedeelte voor die dag
ter bemoediging en als een oproep en een stimulans om te lezen, te
herlezen en te doen wat er staat, zonder de pretentie dat het zou
gaan om een gedegen bijbelstudie.
Mogen de lezers erdoor
gezegend worden.
Inhoudsopgave
|
Voorwoord |
|
|
|
|
|
Ezra |
5 |

Ezra 1:1-2:70
13 april [2]
|
1:1 |
…opdat het woord des HEREN, door Jeremia verkondigd, zou worden voltrokken. |
|
1:2 |
…en Hij heeft mij opgedragen Hem een huis te bouwen in Jeruzalem,… |
|
1:5 |
…allen wier geest God had gewekt om op te trekken… |
|
1:7 |
Ook liet koning Kores het gerei van het huis des HEREN,… te voorschijn brengen… |
|
2:64 |
De gehele gemeente tezamen was tweeënveertigduizend driehonderd zestig,… |
Koning
Kores laat de Israëlieten teruggaan naar hun land. De koning
voert uit wat door de profeet Jeremia was voorzegd. Na zeventig jaar
zouden ze terug keren. En zo gebeurt het. Wat God zegt, dat gebeurt.
God wekt een koning op en dan voert deze koning uit wat in Gods plan
besloten is. De HERE neigt het hart van de koning als waterbeken. Hij
leidt het daarheen, waar Hij wil. Dat is de grote volvoering van het
plan van God. Koningen en machthebbers van de wereld worden
ingeschakeld om zijn plan uit te voeren. Wat is Zijn plan? De
vestiging van zijn eeuwig rijk van recht en gerechtigheid. En hoe
gaat dat? Dat kun je lezen in de Bijbel, zijn openbaring. Daar staat
het. Dat is een machtig boek. Het is geweldig. Je krijgt er niet
genoeg van.
Ezra. Een klein boekje, maar een kleinood. Het is
niet zomaar een verhaal of het wel of niet waar zou zijn. Nee,
iedereen die teruggaat wordt met name genoemd. Ga het maar
vragen aan die tweeënveertigduizend driehonderd zestig mensen.
Ze kunnen er allemaal van getuigen. Waarom denkt u anders dat al die
mensen met naam en toenaam worden genoemd? Dat logenstraft toch al
die bijbelvertellers die er vraagtekens bij zetten en de boel zo
verdraaien dat het een sprookje zou zijn; dat het niet waar is. Nee,
het is waar. Vast en zeker! Bovendien, de geschiedenisvondsten tonen
aan dat deze Kores echt heeft bestaan. Eigenlijk is het
andersom. Deze Kores heeft echt bestaan, omdat het in de Bijbel
staat. De Bijbel is een betrouwbaar boek. Weg met al die valse
herders en leraars. Geloven wat er staat. Niet meer en niet
minder. Glorie voor Zijn naam. Prijs de Heer.
Het gerei is al
die jaren in de tempel van de goden van de Babyloniërs blijven
staan. Het is eenmaal gebruikt voor een groot feest van de koning,
maar die heeft het ook geweten. Toen verscheen de hand van God op de
muur. Lees het in Daniël maar na. Je moet wel weten wat je doet.
Het is gevaarlijk om het volk van God aan te raken, want je raakt
Gods oogappel aan. Dat is levensgevaarlijk. Daar moet je je voor
hoeden. Het prachtige gerei, alles van zilver en van goud, wordt ook
reisvaardig gemaakt.
Daar gaan ze. Wat een stoet. Ze waren
bepakt en bezakt, want ze hadden al het goud en zilver mee om het
huis van de HERE God in Jeruzalem te herbouwen. Dat was wat de HERE
in hem opwekte. De HERE wekte het op. De HERE wekt ook de
tweeënveertigduizend op. Er waren er veel meer, maar die werden
niet opgewekt, die hadden hun antenne niet afgestemd op de HERE God,
die bleven liever bij de vetpotten. Die hadden zich aangepast. Die
waren de weg kwijt. Die dachten dat ze huizen moesten bouwen om er
voor altijd te wonen. Die zaten te vast in zaken. Die zaten te vast
in hun familie. Misschien hadden ze wel kinderen die met heidense
kinderen waren getrouwd. Er zijn duizend-en-een smoezen om niet trouw
naar de stem van de HERE te luisteren. De gevaarlijkste daarvan
zijn de vrome stemmen.
Ezra 3:1-4:23
14 april [2]
|
3:2 |
…maakten zich op en bouwden het altaar van de God van Israël,… |
|
3:4 |
Ook vierden zij het loofhuttenfeest,… |
|
3:5 |
…en van toen af ook het dagelijks brandoffer,… |
|
3:10 |
Toen nu de bouwlieden het fundament van de tempel des HEREN legden,… om de HERE te loven naar de aanwijzing van David, de koning van Israël. |
|
3:11 |
… want Hij is goed, want zijn goedertierenheid is tot in eeuwigheid over Israël. En al het volk juichte met groot gejuich… |
|
3:12 |
…die het eerste huis hadden gezien, weenden luid,… |
|
4:2 |
Laat ons met u bouwen, want wij zoeken uw God evengoed als gij;… |
|
4:6 |
…dienden zij een schriftelijke aanklacht in tegen de inwoners van Juda en Jeruzalem. |
|
4:12 |
…zij zijn bezig die oproerige en slechte stad te herbouwen;… |
|
4:15 |
…en dat men in haar oproer gestookt heeft sinds de dagen van ouds. |
|
4:21 |
Geeft dan nu bevel, deze lieden de arbeid te doen staken,… |
Het
gaat beginnen. Het volk verzamelt zich als één man. Dat
is een samenwerking. Dat is een eenheid. Ze gaan de tempel
bouwen. Ze leggen het fundament en plaatsen daar het altaar op. Het
offeren gaat weer beginnen. Schuldbelijdenis en de verzoening
vinden plaats. God kan weer verder met zijn volk. Heerlijk toch?
Dan leggen ze het fundament van de tempel zelf. Wanneer dat klaar is,
dan is het feest. Looft de HERE mijn ziel. De
trompetten komen erbij. Het wordt een groot feest. Want zijn
goedertierenheid is tot in eeuwigheid. God is goed. Zijn goede hand
was over ons. Prijst de HERE. God is goed. Wat een zegen. Als God
weer gaat wonen in je leven, in je hart, dan wordt het loven en
prijzen. Dan pak je je trompet. Want God laat niemand in de steek.
Als wij wat weggedreven zijn, dan moeten we de reddingsboei weer
vastgrijpen. Zo eenvoudig is het. God is goed!
Zo gaat het
altijd. Als je met een goed werk bezig bent dan zullen de vijanden
komen en proberen je te dwarsbomen. Ze zullen van alles bedenken om
je een voet dwars te zetten. Hier precies hetzelfde. Eerst komen ze
om te vragen samen het huis te bouwen. Maar dat was niet de
bedoeling. Daarna proberen ze de koning te misleiden. Ze waarschuwen
hem voor de herbouw van deze, van oudsher oproerige, stad. Waarna de
koning de boeken onderzoekt en tot de conclusie komt dat het
inderdaad gevaarlijk is. Daar moet je voor oppassen. En wat gebeurt
er? De herbouw wordt gestaakt. De tegenstanders hebben een
overwinning behaald. Hoe vaak is het ook niet zo alsof het lijkt dat
jij het loodje moet leggen tegen de macht van je tegenstanders? Velen
zullen het toen ook zo gevoeld hebben. Maar is het werkelijk
zo?
HERE, laat ons zien wat uw plan in ons leven is; juist als
tegenslagen op onze weg komen.
Ezra 4:24-6:22
15 april [2]
|
5:1 |
Maar de profeet Haggaï, en Zacharia,… |
|
5:2 |
Toen maakten… zich op en begonnen te bouwen aan het huis van God,… |
|
5:3 |
Wie heeft u bevel gegeven dit huis te bouwen en deze muur te voltooien? |
|
5:17 |
…of werkelijk vanwege koning Kores bevel is gegeven tot herbouw van dit huis Gods te Jeruzalem;… |
|
6:3 |
…zijn hoogte moet zestig el bedragen, zijn breedte zestig el. |
|
6:4 |
Er zullen drie lagen steenblokken zijn en één laag hout. |
|
6:7 |
…laat de arbeid aan dat huis Gods toe;… |
|
6:10 |
…opdat zij de God des hemels welriekende offers kunnen brengen en bidden voor het leven van de koning en zijn zonen. |
|
6:15 |
…en zij waren met dit huis gereed tegen de derde dag van de maand Adar, en wel in het zesde jaar van de regering van koning Darius. |
|
6:19 |
En op de veertiende van de eerste maand vierden zij die in de ballingschap geweest waren, het Pascha. |
|
6:22 |
…Hij had het hart van de koning van Assur tot hen gewend… |
Moedige
profeten, Haggaï en Zacharia. Zij bewogen het volk om de herbouw
weer op te pakken. Daar had je moed voor nodig, want het verbod om
verder te bouwen lag er nog. Maar zij bewogen het volk weer door te
gaan. Dat is moedig, want je leeft in bezet gebied. De tegenstander,
de vijand heerst over je. Je moet oppassen, want je gaat er zo maar
aan. En dan zoiets in het openbaar doen. Dat is
levensgevaarlijk. Daar moet je wel heel veel moed voor hebben.
Het betreft nog wel de tempel. En ja hoor, daar heb je het al. Daar
komt de vijand. Wie heeft jullie opdracht gegeven om deze plaats te
herbouwen? Kom op, zeg het? Wie zijn al die mannen die daar aan het
bouwen zijn. Ik schrijf al de namen op, dan kan ik het rapporteren en
jullie zullen er nog wel van horen.
Maar ze geven geen krimp.
Ze zeggen dat ze bouwen in opdracht van koning Kores, en dat hij, de
stadhouder, het verder zelf maar moet uitzoeken. Die schrijft een
brief naar de koning. En dan komt het bericht terug. Het klopt
inderdaad. Koning Kores heeft opdracht gegeven. Wat opvalt is, dat in
het relaas van de Judeeërs niets voorkomt over het verbod
om met de herbouw door te gaan. Dat slaan ze over. Dat is nu niet
relevant in hun ogen. Ze gaan terug naar de oorspronkelijke
opdrachtgever. Koning Darius, die wellicht ook heeft gelezen van de
grote macht van deze koning, die ook weet welke grote macht de God
van Israël heeft, geeft opdracht om de herbouw van de tempel
door te laten gaan. Hij herhaalt zelfs dat de mannen die bouwen
uitbetaald moeten worden en dat er dieren gegeven moeten worden om te
kunnen offeren. Ten gunste van de koning en zijn zonen. Dat is een
machtig ingrijpen van God. Geen wonder dat ze groot feest vieren als
de tempel klaar is. Ze vieren het Pascha op de veertiende van de
eerste maand. God had het hart van de koning van Assur gewend om het
huis van God te herbouwen.
Het is toch geweldig om te zien hoe
God het hart van koningen neigt. Hij heeft alles onder controle. Hij
laat niet met Zich spotten. Hij volvoert zijn plan. Glorie voor
zijn Naam. Vandaag blijven we ook weer dicht bij Hem. Hij regeert ook
de weg van mijn leven. En met Hem kom je altijd goed uit. Ook in het
grote wereldgebeuren.
Ezra 7:1-8:30
16 april [2]
|
7:6 |
…deze Ezra trok op uit Babel. |
|
7:10 |
…want Ezra had er zijn hart op gezet om de wet des HEREN te onderzoeken en haar te volbrengen, en om in Israël inzetting en verordening te onderwijzen. |
|
7:23 |
…opdat er geen toorn kome over de regering van de koning en zijn zonen. |
|
7:26 |
Aan ieder die de wet van uw God en de wet van de koning niet volbrengt, zal stipt recht geoefend worden:… |
|
7:28 |
Ik nu vatte moed, daar de hand van de HERE, mijn God, over mij was,… |
|
8:21 |
Toen riep ik daar, bij de rivier Ahava, een vasten uit om ons te verootmoedigen voor onze God,… |
|
8:23 |
Dus vastten wij en smeekten onze God hierover, en Hij liet zich door ons verbidden. |
Ezra
trekt op. Een tweede groep ballingen. Ezra was een zeer bekwaam
wetgeleerde. Hij stond in de gunst bij God en bij de koning. Hij
verzamelt de mensen en van overal komt goud en zilver voor de
tempel. De koning geeft hem een brief mee, dat ieder moest doen wat
Ezra zei. Niemand mocht zich verzetten tegen de God van Ezra.
Ezra moest gaan en de gunst van zijn God afsmeken voor de koning
en zijn zonen. De tocht wordt voorbereid. Ze vasten drie dagen bij de
rivier de Ahava. De reis wordt goed voorbereid. Ze smeken de
bescherming van de HERE af, omdat ze een escorte geweigerd hadden
door te zeggen, dat de HERE God hen zou bewaren onderweg. Een
onvoorstelbaar vertrouwen, want ze hadden toch een grote hoeveelheid
goud en zilver bij zich. Een beetje roversbende zou in staat zijn
deze groep te overvallen om tenminste een deel van de buit
veroveren.
Ze vasten en ze smeken of de HERE hen een
voorspoedige reis wil geven. En de HERE verhoort dat gebed. Ze hebben
de gunst des HEREN ervaren. Natuurlijk, ook dan moeten ze de
zaak goed voorbereiden. Ze verdelen het goud en zilver en ieder moet
zich verantwoordelijk weten voor een deel. Ze mogen het niet eerder
voor de dag halen dan in de tempel om het bij de priesters in
Jeruzalem af te geven. Wat een geweldige God. Hij ziet om naar zijn
volk. Ezra gaat het volk onderricht geven in de wet. Hij is
ontzettend knap. Dat is fantastisch. Heerlijk om dat zo te zien. Wat
een geweldige God. Toen Ezra, maar ook nu is dringend behoefte aan
Ezra’s, mannen van God die de Schriften van God uitleggen
en op wie de zegen van de HERE God rust. Heerlijk is dat.
We
gaan weer verder met de volgende hoofdstukken. Elke dag is toch
opnieuw een kleinood van de HERE God. Dank U wel, HERE God.
Ezra 8:31-9:15
17 april [2]
|
8:34 |
…alles naar getal en gewicht, en het gehele gewicht werd opgetekend. |
|
8:36 |
…en dezen verleenden hun steun aan het volk en aan het huis Gods. |
|
9:2 |
Want zij hebben uit hun dochters vrouwen genomen voor zich en hun zonen, waardoor het heilige zaad zich vermengd heeft met de volken der landen;… |
|
9:3 |
…en zat verbijsterd neer;… |
|
9:6 |
Mijn God, ik schaam mij en durf mijn ogen niet tot U opslaan, o mijn God, want onze ongerechtigheden zijn ons boven het hoofd gewassen en onze schuld is gestegen tot de hemel. |
|
9:8 |
…waardoor onze God onze ogen deed oplichten en ons een weinig verademing gaf in onze slavernij;… |
|
9:14 |
…wederom uw geboden schenden en ons verzwageren met deze gruwelijke volken? |
|
9:15 |
Zie, wij staan voor uw aangezicht in onze schuld. Waarlijk, niemand kan deswege voor uw aangezicht standhouden. |
Nu
komt Ezra terug om de wet te leren. God was hem en het volk genadig
geweest. Ze stonden in de gunst bij de koning. En wat nu? Wat
God nadrukkelijk verboden had in de wet van Mozes voordat ze het land
binnenvielen, namelijk om niet te huwen met de vrouwen van het land,
zich niet te vermengen, zich niet te verzwageren met deze gruwelijke
volkeren, hebben ze toch gedaan. Ezra is in zak en as. Hij
bedrijft rouw. Hij weet niet wat te beginnen.
Hoe kunnen we de
zegen van God verwachten? Die zo overvloedig blijkt door de gunst van
de koning, maar aan de andere kant verkwanseld wordt door zoveel
heidendom. Ezra stort zijn hart uit voor de HERE God. Het is als het
gebed van Daniël. Zo kunnen ze voor de HERE God niet
bestaan. Ze waren immers vanwege hun zonden in ballingschap
gedaan. Nu was er even een glimp van verademing. Had de koning
toegestaan de tempel te herbouwen en nu blijken deze gruwelijke
daden. O HERE, hier kunt U niets mee. Dat halfslachtige gedoe. We
zijn net weer een beetje op de rails of het begint al weer. HERE
God, help ons. Hoe komen we hier ooit uit?
Uit het
leven gegrepen. We willen wel vroom zijn, maar toch ook een beetje
zondig. En daar heeft de HERE God het land aan. Daar kan Hij niets
mee beginnen. Hij wil radicale verandering zien. Zo niet, dan
gaat het van kwaad tot erger. Dan komen de oordelen over ons heen. Je
ziet het steeds weer terug.
Ezra 10:1-44
18 april [2]
|
10:1 |
Terwijl Ezra bad en schuld beleed,… |
|
10:2 |
Wij zijn ontrouw geweest jegens onze God,… desondanks is er hoop voor Israël. |
|
10:4 |
Sta op, want op u rust de taak; wij zullen met u zijn; wees sterk en handel! |
|
10:6 |
…want hij bedreef rouw over de trouwbreuk van de ballingen. |
|
10:9 |
Het gehele volk zat neer op het plein voor het huis Gods, rillend zowel om de zaak als door de regenbuien. |
|
10:19 |
En zij gaven er hun hand op, dat zij hun vrouwen zouden wegzenden;… |
Wat
een toestand is dat geweest. Nu was Ezra terug in het land. En ze
konden niets beginnen met hem. Ze begrepen dat ze een onvergeeflijke
zonde hadden begaan. Er moest iets gebeuren. Ze voelden aan dat ze
met heilig vuur hadden gespeeld. Er was geen ontkomen aan. Hier moest
een oplossing komen. Ze komen dan als één man naar
Ezra om schuld te belijden. Ze beloven hun vrouwen weg te
zenden. Maar Ezra moet het opknappen. Er is nog hoop voor Israël,
zeggen ze. Wees sterk en doe het.
Dan gebeurt het, ze
verzamelen zich allemaal voor het huis Gods op het plein. Ze rillen
van de zaak en van de regenbuien. Ze komen tot de conclusie dat het
weer te slecht is om het in drie dagen af te handelen. Ze stellen
mannen aan die iedere zaak precies zullen uitzoeken. En zo gebeurt
het. Het werk duurt zowat een heel jaar. Dan is het klaar. Wat een
grote hoeveelheid mannen was de fout ingegaan. Het is toch te gek,
terwijl het absoluut niet mocht. Dat wisten ze allemaal. Ze
sturen allemaal hun vrouwen weg. In onze westerse denkwereld
lijkt dat heel gek. Waar moeten die vrouwen dan heen. Ik weet het ook
niet zo precies hoe het gaat. Men heeft zijn eigen goden en dan gaat
men niet met elkaar trouwen. Dat is absoluut ontoelaatbaar. Maar
Israël doet het wel. Zij doorbreken een taboe. Des te erger
omdat dit het volk van de God van hemel en aarde is. Zij moeten
zich juist afzonderen van de vrouwen van de gruwelijke volken
waar seks en occultisme hand in hand gaan. Hoe halen ze het in hun
hoofd. Die smet moet uit het land. Want die vrouwen hebben natuurlijk
ook nog heel hechte banden met hun heidense familie. Terwijl Israël
als Gods volk zuiver moest blijven.
Het is een les die uit het
leven gegrepen is. Ook vandaag moeten we er heel nauwlettend op toe
zien dat we geen verkeerde elementen binnenhalen. Te beginnen in
ons eigen denken. We horen en zien zoveel, we zitten zo maar op de
verkeerde baan. Daarom is het belangrijk om nauwlettend de Bijbel te
lezen en heel nauwgezet te zien waar we de fout in gaan. Oppassen, de
voetangels en klemmen liggen overal. Ook als het om het aangaan van
relaties gaat. Daar hebben we het Woord voor om er niet in te
trappen. Het is elke keer weer een feest om zo met het Woord bezig te
zijn. Dan kom je goed uit.