Judas
drs. L.P. Dorenbos
Schreeuw om Leven – Hilversum
Titel:
Judas
drs. L.P. Dorenbos
Hilversum – Stichting Schreeuw
om Leven
NUR
707
Trefwoorden: bijbel, profetie, israël
©
Stichting Schreeuw om Leven – Hilversum 2005
Ruitersweg
35-37, 1211 KT Hilversum
Tel. 035 624-4352, Fax 035
624-9141
E-mail info@schreeuwomleven.nl
Internet
www.schreeuwomleven.nl
Bijbelcitaten NBG vertaling
1951
Coördinatie Alex
C.F. van Vuuren & Joop B. Buker
Medewerking Hanneke Bemelmans,
J.A.G. Delhaas
Omslag
en vormgeving Cees Baanvinger, Zoetermeer
Joop B. Buker, Joel
assist, Bloemendaal
In de serie brochures In twee jaar
de Bijbel door volgt
drs.
L.P. Dorenbos het rooster van Schreeuw om Leven
Bijbellezen.
In twee jaar de Bijbel door
In
het kader van het Schreeuw om
Leven Bijbelleesplan:
“In twee jaar de Bijbel door”
geeft drs. L.P. Dorenbos dagelijks in een persoonlijke notitie zijn
gedachten weer tijdens het lezen van het bijbelgedeelte voor die dag
ter bemoediging en als een oproep en een stimulans om te lezen, te
herlezen en te doen wat er staat, zonder de pretentie dat het zou
gaan om een gedegen bijbelstudie.
Mogen de lezers erdoor
gezegend worden.
Inhoudsopgave
|
Voorwoord |
|
|
|
|
|
Judas |
5 |

Judas: 1-8
11 januari [2]
|
2 |
…barmhartigheid, vrede en liefde worde u vermenigvuldigd. |
|
4 |
Want er zijn zekere mensen binnengeslopen – reeds lang tevoren tot dit oordeel opgeschreven – goddelozen, die de genade van onze God in losbandigheid veranderen en onze enige Heerser en Here, Jezus Christus, verloochenen. |
|
5 |
…maar een andermaal hen, die niet tot geloof gekomen waren, verdelgd heeft; |
|
6 |
en dat Hij engelen, die aan hun oorsprong ontrouw werden en hun eigen woning verlieten, voor het oordeel van de grote dag met eeuwige banden onder donkerheid heeft bewaard gehouden; |
|
7 |
zoals Sodom en Gomórra en de steden in hun nabijheid, die op gelijke wijze als genen haar hoererij hebben botgevierd en ander vlees achternagelopen zijn, daar liggen als voorbeeld, onder een straf van eeuwig vuur. |
|
8 |
Desgelijks bezoedelen ook deze dromenzieners hun vlees, verwerpen wat heerschappij heet en lasteren de heerlijkheden. |
Zo,
dat is duidelijk taal. Judas behoorde tot de kring van Jacobus, zijn
broer. Hij heeft dus alles meegemaakt. Hij heeft alles gezien. En hij
maakt nu ook dwaalleer mee. Daar zijn mensen binnengeslopen die de
boel verdraaien. Die niet het geloof der vaderen, die niet de
schriften navolgen. En dat is een dodelijk gevaar. En daar loopt
het niet best mee af. Want zoals het volk in de woestijn vanwege
hun zonden geen van allen het beloofde land bereikt hebben, op Jozua
en Kaleb na, zo zal God ook afrekenen met de ongelovigen. We hebben
te maken met een heilig God. En zoals het met de engelen, die van hun
oorspronkelijke bestemming afgeweken zijn, is vergaan, zo zal
het ook de afvalligen vergaan. Zij worden bewaard voor het
eeuwig vuur. Hen wacht het oordeel. En er is geen ontkomen aan.
Dat is scherpe taal. Dat is duidelijke taal. Daarmee weet je waar je
aan toe bent. Daar kan iedereen zijn conclusies uit trekken. Er zijn
dromenzieners die hun eigen verhalen opdissen en doen alsof het van
God komt. Dat is vreselijk. Dat brengt de grootst mogelijke
verwarring. Daar moet je je niet mee inlaten. Ze verwerpen de
heerschappij van God. Zij bezoedelen ook hun eigen vlees.
Wat
te denken van Sodom en Gomórra? Dat is een vreselijk oordeel.
Maar het is een verdiend oordeel. Want de hoererij vierde hoogtij.
Daar ligt de straf op. Dat is vast en zeker. Daar kan geen ander
gevolg aan verbonden worden dan het oordeel Gods. We kunnen denken
dat we God kunnen tarten, maar daar komt een einde aan. En Sodom is
ons ten voorbeeld gegeven om heel duidelijk te zien wat er gebeurt
als we ons niet bekeren. En de zonde van de hoererij, het bezoedelen
van je vlees, het andere vlees achternalopen, dat is de HERE een
gruwel. Daar volgt onherroepelijk het oordeel op. Nu al meteen zoals
bij Sodom en Gomórra of later bij het oordeel, de
eindafrekening. Want we moeten niet denken dat we de straf
kunnen ontlopen. God biedt het eeuwig heil aan. Allen hebben die
kans, maar als we willens en wetens weigeren, dan moeten we ook niet
verbaasd opkijken als we dan onder het oordeel komen. We kunnen met
veel bravoure de oordelen van God aan de kant schuiven als zijnde
sprookjes, maar dat is dwars tegen het woord van God in. Dat is ook
lastering. Dat is ook willens en wetens God tarten. Daar zullen we
onze trekken dus zeker van thuis krijgen. Het is
levensgevaarlijk. Daarom is de oproep om ons te bekeren. Om ons af te
wenden van het kwade en dicht bij Jezus te blijven. Want Jezus is de
reddingsboei, Hij bewaart ons van het kwade. Hij wil ons redden.
Jezus zegt: de tijd is vervuld. Bekeert u want het Koninkrijk der
hemelen is nabij gekomen. Gelooft het evangelie. Het is de hoogste
tijd. Gods wereld van recht en gerechtigheid wordt gegrondvest.
Glorie voor zijn Naam. Dank je, Judas voor deze krachtige woorden.
Judas: 9-25
12 januari [2]
|
9 |
Maar Michaël, de aartsengel, durfde, toen hij met de duivel in twist gewikkeld was over het lichaam van Mozes, geen smadelijk oordeel uitbrengen, doch hij zeide: De Here straffe u! |
|
10 |
Zij echter lasteren al wat zij niet kennen en in hetgeen zij, gelijk de redeloze wezens, van nature weten, ligt hun verderf. |
|
11 |
Wee hun, want zij zijn de weg van Kaïn opgegaan, zij zijn voor de verleiding van een Bileamsloon bezweken en door het verzet van een Korach ten onder gegaan. |
|
13 |
Voor hen is de donkerste duisternis voor eeuwig weggelegd. |
|
15 |
…om over allen de vierschaar te spannen en alle goddelozen te straffen voor al hun goddeloze werken, die zij goddeloos bedreven hebben, en voor al de harde taal, die de goddeloze zondaars tegen Hem gesproken hebben. |
|
16 |
Dit zijn de morrenden, mokkend om hun lot, wandelende naar hun begeerten, maar hun mond spreekt hoogdravend, als zij om des voordeels wil (de mensen) in hun gezicht vleien. |
|
18 |
Aan het einde des tijds zullen er spotters komen, die naar hun eigen goddeloze begeerten zullen wandelen. |
|
19 |
Zij zijn het, die scheuringen maken, natuurlijke mensen, die de Geest niet hebben. |
|
20 |
Maar gij, geliefden, bewaart uzelf in de liefde Gods, door uzelf op te bouwen in uw allerheiligst geloof en door te bidden in de heilige Geest, |
|
21 |
verwachtende de ontferming van onze Here Jezus Christus ten eeuwigen leven. |
|
22 |
En weest ook barmhartig jegens sommigen, die twijfelen, |
|
23 |
redt hen door hen uit het vuur te rukken,… |
|
24 |
Hem nu, die u voor struikelen kan behoeden en onberispelijk doen staan voor zijn heerlijkheid in grote vreugde, |
|
25 |
de enige God, onze Heiland, zij door Jezus Christus, onze Here, heerlijkheid, majesteit, kracht en macht vóór alle eeuwigheid, èn nu èn in alle eeuwigheden! Amen. |
Zo’n
klein briefje achter in de Bijbel. Je slaat het meestal over. Je
hoort er ook weinig uit preken. Goed om het naar voren te halen. Het
is een krachtig, ondubbelzinnig briefje. Het zegt de zaken
duidelijk. Het is krachtig. De namen van de grote zondaars worden
genoemd als waarschuwing voor hen die toen van God af waren en met
bravoure en zonder vrees hun lusten botvierden en tegen God te keer
gingen. Het kan dan wel lijken of ze de wijsheid en de macht in pacht
hebben, maar dan hebben ze het verkeerd. God duldt het niet en God
zal hen straffen. Net zoals Hij dat deed aan alle andere zondaars.
Soms heel direct in de Bijbel, en anders in de eeuwigheid. Want
Henoch zei al dat God met zijn tienduizenden komt om allen voor de
vierschaar te dagen. En niemand ontkomt eraan. Daarom is het
belangrijk om dicht bij Jezus te wandelen, zijn geboden te
bewaren en rein en heilig te leven. Dat is de oproep die steeds weer
klinkt. De verleider is aan alle kanten. Hij probeert je onderuit te
halen. Hij weet je aan te vallen op je zwakke plekken. Maar dan komt
het er op aan om dicht bij het woord en de Geest te blijven. Dan heb
je je het best gewapend. En houd je verre van alle goddelozen. Ze
proberen je soms mooi te vleien maar het zijn goddelozen. Ze pakken
je terug en als je niet oppast, slepen ze je mee. We moeten
juist hen die twijfelen en zwak zijn uit het vuur redden.
En
dan eindigt de brief met een prachtig slot: “Hij is het die ons
voor struikelen kan behoeden.” In eigen kracht schieten we
tekort, maar Hij kan het. Hij doet ons staan in zijn heerlijkheid.
Hij is Almachtig, Hij heeft alle majesteit, heerlijkheid, kracht en
macht tot in alle eeuwigheden. Niet alleen nu, maar tot in alle
eeuwigheden. Daar komt geen einde aan. Dat is de werkelijkheid. Dat
is de kracht waaruit we kunnen leven. We doen onszelf tekort als we
minder van God en van onszelf denken dan we zouden moeten doen. Prijs
de Heer. Het leven met God is het allerbeste.