Auteur: Dr. Elisa Garcia
Dit artikel verscheen in juli 2025 in Leef Magazine
Deze gebeurtenis wordt door velen als een medisch wonder gezien. Het geeft vrouwen die geen kinderen kunnen dragen nieuwe hoop. Zij kunnen het moederschap nu op een lichamelijke en emotionele manier ervaren. Hoewel de eerste baby uit een baarmoedertransplantatie al in 2013 in Zweden werd geboren, heeft deze geboorte in Engeland veel stof doen opwaaien.
In tegenstelling tot andere orgaandonaties probeert deze ingreep het leven te verrijken door zwangerschap mogelijk te maken, niet om een leven te redden. De procedure brengt aanzienlijke risico’s met zich mee. Zowel voor de donor als voor de ontvanger, maar ook voor het kind.
Om orgaanafstoting te voorkomen, moet de ontvanger langdurig medicijnen gebruiken die het immuunsysteem onderdrukken. Dit verhoogt het risico op infecties en kan de ontwikkeling van het kind beïnvloeden. Daarom verwijderen artsen de baarmoeder meestal na maximaal twee zwangerschappen, of na vijf jaar als er geen zwangerschap optreedt. Dit is een ingrijpende operatie.
Baarmoedertransplantatie heeft ook unieke emotionele effecten. Omdat de zenuwen in de baarmoeder niet kunnen worden aangesloten, voelt de vrouw de bewegingen of samentrekkingen in de baarmoeder niet. Dit kan teleurstellend zijn en invloed hebben op de band tussen moeder en kind.
Voor de donor zijn de gevolgen vaak ingrijpend. Donatie betekent dat zij hun vruchtbaarheid verliezen. Zelfs als zij geen kinderwens meer hebben, kan het verlies gevoelens van verdriet en spijt veroorzaken. Vaak doneren vrouwen om familieleden of vriendinnen te helpen. Daardoor ontstaat soms twijfel over hoe vrijwillig de donatie is. Sociale druk of medelijden kunnen meespelen.
Om de emotionele en fysieke risico’s te beperken, kan een baarmoeder ook van een overledene worden gebruikt. Maar het succespercentage is lager. Dit komt doordat de kwaliteit van het orgaan, vooral van de bloedvaten, cruciaal is voor een succesvolle zwangerschap. Daarom geven artsen meestal de voorkeur aan levende donoren.
Omdat de baarmoedertransplantatie geen medische urgentie heeft, zijn er strenge selectiecriteria nodig. Het is een ingewikkelde discussie of de ingreep alleen voor kinderloze vrouwen moet zijn of ook voor vrouwen die al kinderen hebben, maar het biologische moederschap niet ervaren. De verschillende regels in landen laten zien hoe complex het is om eerlijke en consistente criteria te bepalen.
Natuurlijke bevruchting is onmogelijk na transplantatie, omdat de eileiders niet verbonden zijn met de getransplanteerde baarmoeder. Daarom is IVF altijd nodig. Dit verkleint de kans op een succesvolle zwangerschap, zelfs als de transplantatie technisch goed verliep.
IVF vindt plaats voordat de transplantatie plaatsvindt. Dit roept ethische vragen op: hoe verantwoord is het om embryo’s te maken voor vrouwen zonder functionerende baarmoeder? Zeker als het slagen van de transplantatie onzeker is.
Baarmoedertransplantatie confronteert ons met diepe vragen over zwangerschap, het recht op kinderen en de waarde van leven. Technologie maakt het mogelijk om moederschap te realiseren. Tegelijkertijd bestaat het gevaar dat kinderen als maakbare producten worden gezien.
Deze nieuwe ontwikkelingen vragen om een zorgvuldige bezinning op de grenzen van medisch handelen bij onvervulde kinderwens. Want niet alles wat kan, moet ook worden gedaan.