Geplaatst op 3 december 2025 in Nieuws.
Het oordeel is geveld: de Raad van State heeft besloten dat burgemeesters het mogen verbieden om direct bij de ingang van abortusklinieken in Nederland present te zijn. Deze uitspraak maakt het moeilijk om met liefde en compassie present te zijn voor vrouwen die juist op zo’n kwetsbaar moment in hun leven staan. Én voor het leven van hun ongeboren kinderen.
Geschreven door: Arthur Alderliesten
De Raad van State heeft dit besluit genomen vanwege de zaak in Groningen in juni 2021. De zaak draaide om de beperkingen die de burgemeester van Groningen destijds heeft opgelegd aan een vreedzame demonstratie van Schreeuw om leven bij de abortuskliniek in de stad. Vrijwilligers van Schreeuw om leven waken en waakten daar op de manier zoals zij dat overal in het land doen: met twee of drie personen, stil present, met een folder en de mogelijkheid voor een gesprek als een vrouw daarvoor openstaat.
De burgemeester legde op grond daarvan beperkingen op. Enerzijds, door ons te verplichten om op grotere afstand van de ingang van de kliniek te gaan staan. Deze beperking werd gegrond op basis van artikel 2 van de Wet openbare manifestaties (WOM). Anderzijds om te voorkomen van wanordelijkheden en zorgen om de volksgezondheid, met name het mentaal welbevinden van vrouwen die de kliniek bezoeken.
Schreeuw om leven heeft bezwaar gemaakt tegen deze beperkingen, met als reden dat zij niet proportioneel zijn en geen feitelijke basis hebben. Onze manier van handelen in het waken is respectvol, liefdevol en vreedzaam, nooit gericht op confrontatie of intimidatie. Vanuit dit oogpunt is Schreeuw om leven ervan overtuigd dat dit niet valt onder “wanordelijkheid”. Daarom is er na de afwijzing van het bezwaar door de burgemeester, eerst beroep ingesteld bij de rechtbank in Groningen, en daarna hoger beroep bij de Raad van State. En nu ligt er dus een uitspraak.
Arthur Alderliesten, directeur van Schreeuw om leven, reageert als volgt op deze uitspraak:
‘We zijn teleurgesteld. Deze uitspraak maakt het moeilijker om met liefde en compassie present te zijn voor vrouwen die juist op zo’n kwetsbaar moment in hun leven staan. De Raad geeft aan dat als een bezoeker zich niet kan onttrekken aan een confrontatie, er sprake is van een wanordelijkheid. En dat zou dan de grond zijn voor een burgemeester om een beperking op te leggen en ons op grotere afstand te zetten. Dit leidt tot handhaving van onze presentie op grotere afstand van de deur en kan er toe leiden dat deze beperking juist gaat gelden bij álle abortusklinieken.’
Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) heeft eerder bevestigd dat vreedzame demonstraties, ook in de nabijheid van abortusklinieken, in principe onder de bescherming vallen van de vrijheid van meningsuiting en vergadering. Het Hof onderstreept dat staten beperkingen mogen opleggen, maar alleen als die proportioneel en noodzakelijk zijn, en niet op basis van enkel subjectieve indrukken of druk van derden. Om deze reden gaan wij met deze uitspraak ook naar het Europees Hof. Wij doen niets anders dan vreedzaam aanwezig zijn. Alderliesten: ‘Sterker nog: we komen juiste vrede brengen op plekken waar de dood overheerst. Onze wakers intimideren niet, maar zijn stil present. We bieden een gesprek aan. Als zelfs dat als “wanordelijk” mag gelden, dan verschraalt het publieke debat. Dan raakt ook het hart van de democratie beschadigd en wankelt het recht.’
Er is contact gelegd met de internationale organisatie ADF International die Schreeuw om leven hierin wil bijstaan.
Het doel van deze stap? Gerechtigheid. De bescherming van het menselijk leven is een fundamentele verantwoordelijkheid van de mens. Burgers en overheden moeten alles in het werk zetten om dit te doen en mogelijk te maken. Het gaat om niet minder dan de fundamenten van onze beschaving.
De roeping van Schreeuw om leven blijft ongewijzigd en houdt zich vast aan het leven om het ongeboren kind een stem te geven. Juist nu het moeilijker wordt, is de roeping nog groter om dit in stand te houden. ‘Het gaat er ons vooral om dat we geloven dat dit werk bescherming verdient, ook juridisch. Wij blijven strijden voor een samenleving waarin abortus onnodig en ondenkbaar is, ook al speelt het ongeboren kind in de uitspraak van de RvS geen enkele rol. Júist daarom!’