Geplaatst op 15 maart 2025 in Verhaal.
Henrike en Bernhard verloren met 17 weken zwangerschap hun zoontje David. Wat doet het met je als je een kindje verliest tijdens de zwangerschap? Heeft het impact op je geloof? Op je relatie? En hoe betrek je andere kinderen uit het gezin bij het afscheid?
Met zeventien weken zwangerschap begint totaal onverwachts de bevalling. Als de verloskundige komt, bevalt Henrike van David. “Ik wilde ons zoontje eigenlijk zelf oppakken. Maar hij was zo klein dat ik dat niet durfde. “Ik was bang dat hij kapot zou gaan, zo klein was hij”. De verloskundige adviseert David koel te bewaren in een bakje water. Op deze manier kunnen ze hem goed houden, tot ze er aan toe zijn hem te begraven.
Henrike verloor ondertussen zoveel bloed dat ze met spoed naar het ziekenhuis moest. “Ik had op dat moment niet door hoe levensbedreigend de situatie was. Pas in het ziekenhuis, toen ik meteen naar de operatiekamer werd gebracht en bloed uit de noodkast kreeg, begon het tot me door te dringen. Een verpleegkundige die me later op de verkoever begeleidde, huilde mee. Die erkenning van mijn verdriet voelde als een troostende deken.”
Begrafenis
Na de bevalling kregen Bernhard en Henrike informatie over het proces na een stilgeboorte, maar op dat moment waren ze er niet aan toe om die te verwerken. “Ik wilde maar één ding: naar huis en bij mijn kindje zijn. Achteraf had ik gewild dat we wat informatie op papier meekregen, zodat we het later rustig konden nalezen.”
Omdat hun zoontje voor de 24 weken zwangerschap geboren werd, hoefden ze hem niet officieel aan te geven of op een begraafplaats te begraven. Ze besloten hem in hun tuin te begraven. “We kochten zelf een mandje. Vanuit het ziekenhuis hadden we een speciaal dekentje mee gekregen dat door vrijwilligers was gemaakt voor stilgeboren kindjes. Samen met onze dochters legde ik David in het mandje. Onze tweede zoon wilde iets doen en hielp het grafje graven. Het was fijn dat we dit als gezin samen konden doen.”
Rouw en steun
Hun omgeving reageert op verschillende manieren. Sommige mensen boden onverwacht steun, terwijl anderen de impact onderschatten. “Iemand uit de kerk die hetzelfde had meegemaakt, kwam langs. Dat was zo waardevol, want zij wíst hoe het voelde. Ook de reactie van de gynaecoloog in het ziekenhuis waardeerden ze: “Ondanks het verlies, feliciteerde hij ons ook. Dat gaf ons ook erkenning van het feit dat we ouder van dit jongetje waren geworden. Maar er waren ook mensen die zeiden: ‘Je hebt toch al vier kinderen?’ Dat doet pijn, want je rouwt niet om de kinderen die je hebt, maar om degene die je mist.”
Na een paar maanden vroegen mensen er minder naar, dat is moeilijk, want zelf leef je nog wel in rouw. “Dat is een les voor onszelf: ook na langere tijd vragen hoe het met iemand gaat die iets ingrijpends heeft meegemaakt.”
Kinderen en rouw
Elk kind gaat anders om met het verlies van hun broertje. Hun oudste zoon wilde er niet te veel over praten. Ook hun dochter wilde er op school niet over vertellen, terwijl de jongste het juist veel benoemde en vaak naar de foto’s keek. “Voor haar was het lastig te relativeren. Ze vroeg zelfs: ‘Waarom heb je hem niet meegenomen naar het ziekenhuis? Bij jou konden ze toch ook opereren?’ Ze was boos toen we David begroeven. Voor haar voelde het wreed.”
Geloof en verwerking
Ondanks het verdriet worden ze vertroost vanuit de Bijbel. “We lazen Psalm 22, die de avond van Davids geboorte aan de beurt was. Daar stond: “Op U ben ik geworpen van de baarmoeder af, van de buik van mijner moeder aan zijt Gij mijn God.” (Psalm 22:11). Later werden die woorden nog vanuit een preek bevestigd.”
In de week na de geboorte komt de dominee langs. Ze praten met de dominee. “Dat was heel fijn, hij nam echt de tijd voor ons.” Hij wijst op de troost die er voor gelovige ouders te vinden is vanuit het verbond. Hij benadrukt dat het niet erg is als ze vragen hebben en dat ze God niet in alles hoeven te begrijpen.
Met de dominee overleggen ze ook of ze voorbede willen laten doen. Ze vinden het lastig en willen het niet aan de grote klok hangen. Ze spreken af dat hij in algemene bewoordingen voor hen zal bidden. “Achteraf had ik dat anders gedaan, dan had ik gezegd kondig het maar af, dan weten mensen het ook. Nu heeft het wel eens nare situaties opgeleverd, bijvoorbeeld iemand die vroeg hoe het ging met de zwangerschap.”
Verder na het overlijden
Henrike had een lang lichamelijk herstel. Ook emotioneel was het zwaar. “Als je alleen thuis zit als de kinderen naar school zijn, dan val je echt in een gat en ben je eerder geneigd somber te zijn. Voor Bernard was dat anders. Hij krijgt de eerste tijd verlof van zijn werk. “Ze boden me alle ruimte om de tijd te nemen die ik nodig had en er thuis te kunnen zijn.” Als hij weer aan het werk gaat kost het hem wel moeite om weer zin te krijgen in zijn werk. “Ik merkte dat ik de impact van dit verlies op mij als vader had onderschat. Je bouwt ook tijdens de zwangerschap al een band op met je kind.”
Ze besluiten David een plekje te geven in hun huis door een foto neer te zetten. “Ik was eerst bang om een foto van David neer te zetten, omdat ik dacht: ‘Is dat niet te confronterend voor anderen?’ Maar uiteindelijk besloot ik: het is mijn huis. Hij hoort bij ons gezin.” Als ze naar de foto kijken spreken ze hun verwondering uit: “We waren verwonderd over hoe perfect zo’n klein kindje al is. Op een echo zie je dat niet zo goed.” Daarnaast liet Henrike een kettinkje maken met de naam van David erin gegraveerd. “Zo heb ik hem toch bij me.”
Impact op hun relatie
Het verlies van David zorgde voor een diepere verbondenheid tussen Henrike en Bernard. “Je wordt gedwongen om samen veel te praten. Zo’n ervaring brengt je dichter bij elkaar of drijft je uit elkaar. Er is geen tussenweg.” Ze merken ook verschillen in omgaan met rouw op. “Als man kun je soms al een stap verder zijn, terwijl je vrouw nog middenin het verdriet zit. Zij heeft een fysieke leegte in haar lichaam die een man niet heeft.”
Het verlies van David laat sporen na in het gezin van Henrike en Bernard. Het is een stil verdriet, maar hij hoort voor altijd bij hun gezin.